De Rio+20 verklaring is een vodje papier

Tindemans vond de grondwet destijds geen vodje papier. Helaas kunnen wij niet naar de koning om ons ontslag in te dienen.

Hoog tijd om de oude Tindemans van stal te halen. De Belgische grondwet was misschien geen vodje papier, de slotverklaring van Rio+20 is dat eigenlijk wel. Het is inmiddels geen geheim dat de top is mislukt, ondanks enkele kleine succesjes die voor onderhandelaars die er maanden of jaren mee bezig zijn geweest toch een stap vooruit lijken. Als je even uitzoomt kan je echter niet anders besluiten dat het ‘too little, too late’ is. Het bleek uiteindelijk onmogelijk om de ontwikkelingslanden ervan te overtuigen dat de groene economie slechts een middel is om een duurzame ontwikkeling te bereiken. Louter economische ontwikkeling staat bij hen nog steeds voorop. Ondanks de scherpe uithalen naar het westerse ‘miliekapitalisme’ van sommige illustere wereldleiders van Bolivariaanse strekking bijvoorbeeld, zitten zij in feite in zeker opzicht nog sterker vast in oude paradigma’s. 

Men kan het hen niet kwalijk nemen. De historische verantwoordelijkheid van het westen is nog steeds niet terugbetaald. Daar kunnen we niet omheen. En ook vandaag is de wereldhandel nog steeds fundamenteel oneerlijk. Ik ga daar niet verder op in, dat is een verhaal dat ik en anderen al vaak genoeg hebben afgestoken. Rekening houdend met de onrechtvaardigheid, die inderdaad nog steeds schering en inslag is, zal ik me hier beperken tot de opmerking aan het adres van deze landen dat het soms het goed is om naar alternatieven te zoeken.

“Adversity should never stand in the way of taking matters into your own hands,”

— om even zelf een gevleugelde uitspraak te bedenken.

De opkomende economieën en de ontwikkelingslanden moeten nu eenmaal mee aan boord, anders heeft niets wat wij op vlak van milieu ondernemen enige zin. Dat betekent evenwel niet dat we nu zelf geen stappen vooruit moeten zetten. Wat regelmatig naar voren kwam is het verwijt dat de Europese landen zelf niet altijd doen wat ze prediken. Zo hebben Europese landen in het verleden het Zuiden al opgeroepen om geen kolencentrales meer te bouwen, terwijl ze op datzelfde moment hun eigen kolencentrales bouwden. Je moet dus krediet verzamelen, en die heeft de EU nog niet voldoende. Dat bleek uit zowel formele als informele gesprekken die ikzelf  heb gehad met tal van delegatieleden of NGO activisten uit het Zuiden.

Hoe dan ook, het was vreemd om dit debat in levende lijve mee te maken. Het mag duidelijk zijn dat de opvattingen van het ‘westerse’ middenveld volstrekt niet in de lijn liggen van de standpunten van de overheden in het Zuiden. Problematisch is natuurlijk dat het westen niet ondubbelzinnig verklaart dat de natuur geen verhandelbaar goed mag zijn. Daarmee joegen ze de NGO’s, andersglobalisten en andere activisten tegen zich in het harnas. Even lastig is de rol van de Europese Commissie, die een zeer specifieke liberale agenda duwt waarin marktmechanismen onlosmakelijk een rol spelen. Eurocommissaris voor het milieu Janez Potočnik zei vooraf bijvoorbeeld heel letterlijk:

 “We need to move from protecting the environment from business to using business to protect the environment”

Terwijl we uiteraard ondernemingen nodig hebben om onze verspillende productie- en consumptiepatronen te verduurzamen, is dat niet wat hij en veel commissieleden (nota bene van DG Environment) bedoelen. Door natuurlijk kapitaal in de markt te brengen geloven ze dat de verdere ondergang van de natuur tegen te gaan. Het is een legitieme gedachte, en bovendien hebben ze het sterke argument dat marktmechanismen nodig zijn om landen zoals de VS mee aan boord te krijgen. Maar ’t is een illusie, omdat je gewoon in de kaarten van de VS speelt. Je vermijdt aldus elke druk op de Amerikaanse ketel. Bovendien hebben de CO2 emissieprogramma’s voorlopig weinig verbetering teweeg gebracht, en dan druk ik me nog licht uit.

Celem, de sympathieke en snuggere Nieuw-Zeelander

Het feit dat westerse landen zoals de VS, Japan, Canada enz. eigenlijk zo weinig mogelijk uit deze top wilden halen speelt ook een aanzienlijke rol. Celem, een Nieuw-Zeelander die me hier zonet aanspreekt in mijn hostel verwoordt daarom perfect wat ik sinds deze top ook denk:

I don’t believe in this consensus compromise way of achieving a breakthrough in sustainable development. I’m all for taking the first initiative, to become leader in sustainability. Others will follow eventually anyway.

Klinkt naïef, en je kan dat nooit over de hele lijn doortrekken, maar ’t is wel de houding die we moeten aannemen. Na Rio+20 kan ik alleen maar besluiten dat we voorlopig niet anders kunnen.

Advertenties

Tags: ,

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: